Citaat | Hoge Raad 16 november 2004

Alinea 18 Hoge Raad 16 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 16 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3264.

"De rechtbank is op grond van de stukken en het verhandelde in raadkamer van oordeel, dat tegen verdachte de verdenking is gerezen dat deze zich heeft schuldig gemaakt aan het inwendig invoeren van cocaïne. Daarbij is sprake van ernstige bezwaren tegen verdachte, terwijl voorts blijkt van een gewichtige reden van maatschappelijke veiligheid welke de onverwijlde vrijheidsbeneming van verdachte vordert. Immers is sprake van verdenking van een feit waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van twaalf jaren of meer is gesteld en de rechtsorde is ernstig door dat feit geschokt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c7cfcdd47a918299e04148bb0cda68b334c5ce772577bf7866dbdf36aedf6a68. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c7cfcdd47a918299e04148bb0cda68b334c5ce772577bf7866dbdf36aedf6a68, en de alinea staat in dat document op bytes 7596 tot 8206.