Citaat | Hoge Raad 8 oktober 2004
Alinea 20 Hoge Raad 8 oktober 2004
Een alinea uit Hoge Raad 8 oktober 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3495.
3.3. Het Hof heeft daartoe redengevend geoordeeld - kort samengevat - (a) dat de Inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat er een redelijke verhouding bestaat tussen de hoogte van de leges en de omvang van de bij het afgeven van een vergunning als de onderhavige verrichte dienst of de daarmee gemoeide kosten, (b) dat de hoogte van de volgens de Verordening en de daarbij behorende Tarieventabel te betalen leges van louter toevallige omstandigheden kan afhangen, (c) dat de Inspecteur niet erin is geslaagd deugdelijke en onderbouwde argumenten aan te voeren op grond waarvan de hoogte van de aan belanghebbende opgelegde legesnota, die volgens het Hof voor belanghebbende op het eerste gezicht onredelijk en willekeurig is, kan worden gerechtvaardigd en (d) dat de rechter, nu de provinciale wetgever en het provinciale bestuur inmiddels zelf tot de conclusie zijn gekomen dat de Verordening en de Tarieventabel tot een onredelijke en willekeurige heffing leiden, niet anders kan doen dan zich daarbij aansluiten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a17eb3cab40c24939cccdd42054a9afa783e75b62b1ae4ae18556d67f611b293. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a17eb3cab40c24939cccdd42054a9afa783e75b62b1ae4ae18556d67f611b293, en de alinea staat in dat document op bytes 9329 tot 10362.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a17eb3cab40c24939cccdd42054a9afa783e75b62b1ae4ae18556d67f611b293 | shasum -a 256