Citaat | Hoge Raad 8 oktober 2004
Alinea 18 Hoge Raad 8 oktober 2004
Een alinea uit Hoge Raad 8 oktober 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3520.
3.1.3. De optieovereenkomst kent een uitoefenperiode van 1 januari 1999 tot en met 31 december 2004. Ingevolge deze overeenkomst dient belanghebbende op ieder moment gelegen in de uitoefenperiode op afroep van B het pand aan hem (of een nader te noemen meester) te verkopen voor een bedrag van ƒ 1.465.000 kosten koper, zijnde de oorspronkelijke koopprijs vermeerderd met de overdrachtsbelasting (hierna: de calloptie). Daartegenover heeft B zich verbonden op ieder moment dat belanghebbende dit schriftelijk kenbaar maakt het pand tegen dezelfde prijs gedurende dezelfde periode van belanghebbende te kopen (hierna: de putoptie). Deze overeenkomst is op 17 augustus 1999 bij de (toenmalige) Inspectie der Registratie en Successie te R geregistreerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ba7ef2dfee13dd0a040ad85b784ad165023e692f848e8f0b912e2b557d6eb79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ba7ef2dfee13dd0a040ad85b784ad165023e692f848e8f0b912e2b557d6eb79, en de alinea staat in dat document op bytes 6635 tot 7399.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ba7ef2dfee13dd0a040ad85b784ad165023e692f848e8f0b912e2b557d6eb79 | shasum -a 256