Citaat | Hoge Raad 7 december 2004
Alinea 25 Hoge Raad 7 december 2004
Een alinea uit Hoge Raad 7 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3709.
Naar het oordeel van het hof, moet deze termijn in de onderhavige zaak worden gerekend vanaf 28 januari 1998, de datum waarop verdachte voor de eerste maal door de FIOD als verdachte in het Nederlands onderzoek werd gehoord. Bij eerdere gelegenheden werd verdachte gehoord als getuige ingevolge een Belgisch rechtshulpverzoek. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat deze eerdere verhoren niet kunnen worden aangemerkt als handelingen vanwege de Nederlandse Staat jegens de betrokkene waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen hem door het (Nederlandse) openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a3daa7a4808d426eedc96c96d840eb73c2d900511b468e483f4b3fad93f0e23. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a3daa7a4808d426eedc96c96d840eb73c2d900511b468e483f4b3fad93f0e23, en de alinea staat in dat document op bytes 8770 tot 9433.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2a3daa7a4808d426eedc96c96d840eb73c2d900511b468e483f4b3fad93f0e23 | shasum -a 256