Citaat | Hoge Raad 10 december 2004

Alinea 52 Hoge Raad 10 december 2004

Een alinea uit Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR4062.

Nadat partijen zich hierover hadden uitgelaten, heeft de kantonrechter bij eindvonnis van 28 februari 2001 overwogen, kort gezegd, dat partijen hun geschil over de toepasselijkheid van de hardheidsclausule welbewust niet aan de kantonrechter te Rotterdam hebben voorgelegd, hoewel dat geschil toen al tussen hen bestond. Daarom kan [eiser] niet in zijn vordering worden ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6000c1d3a17517bba6423b7c1ed75ec4864ff42be7d9bc19024a34a9264f3cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6000c1d3a17517bba6423b7c1ed75ec4864ff42be7d9bc19024a34a9264f3cd, en de alinea staat in dat document op bytes 14794 tot 15187.