Citaat | Hoge Raad 1 februari 2005

Alinea 138 Hoge Raad 1 februari 2005

Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AP4584.

8.3.1. Vooreerst geldt het volgende. De door het Hof gebezigde bewijsmiddelen houden omtrent het opdracht geven aan de bedoelde feiten niets in en houden - integendeel - in dat de gedragingen van de verdachte waaruit die opdracht zou moeten volgen (in overwegende mate) hebben bestaan uit het nalaten de vereiste maatregelen te treffen. In de bewezenverklaring van feit 4 zijn de woorden "tot de vorenomschreven strafbare feiten opdracht heeft gegeven" ten onrechte opgenomen. Dit behoeft evenwel niet tot cassatie te leiden, nu de Hoge Raad die fout kan herstellen. Door deze verbetering wordt de verdachte niet in enig in rechte te respecteren belang geschaad, nu een keuze tussen 'opdracht geven' en 'feitelijke leiding geven' van geen belang is voor de strafrechtelijke betekenis van het bewezenverklaarde. De Hoge Raad leest de bestreden uitspraak dienovereenkomstig verbeterd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6502d1159b220ca9c7ab5dd1dac6e421dfc74794f6f2d84407382ff998b2b0c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6502d1159b220ca9c7ab5dd1dac6e421dfc74794f6f2d84407382ff998b2b0c, en de alinea staat in dat document op bytes 49342 tot 50237.