Citaat | Hoge Raad 18 februari 2005
Alinea 47 Hoge Raad 18 februari 2005
Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4841.
3.3.8 Ten slotte verdient opmerking dat het hof met de slotzin van rov. 4.3 ("In zoverre is geen sprake van een buitenlands kansspel."), gelet op hetgeen het hof daarvóór heeft overwogen, tot uitdrukking heeft gebracht dat het hier gaat om een kansspel dat in zoverre niet "buitenlands" is, dat (ook) in Nederland gelegenheid wordt gegeven daaraan deel te nemen. Het hof heeft de grensoverschrijdende aspecten van de zaak niet uit het oog verloren, zoals blijkt uit de overwegingen die het vervolgens heeft gewijd aan de vraag of de toepassing van de Wet op de kansspelen in het onderhavige geval leidt tot strijd met art. 49 EG.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5, en de alinea staat in dat document op bytes 19313 tot 19957.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5 | shasum -a 256