Citaat | Hoge Raad 18 februari 2005
Alinea 48 Hoge Raad 18 februari 2005
Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4841.
3.4 Het middel keert zich in de tweede plaats met de onderdelen 5.5-5.14 tegen de ontkennende beantwoording door het hof van de zojuist bedoelde vraag in rov. 4.5. De onderdelen 5.1 tot en met 5.4 vormen een inleiding op die onderdelen en bevatten geen zelfstandige klachten. Bij de beoordeling van de onderdelen staat de vraag centraal of de beperking van het vrije dienstenverkeer die, naar in cassatie niet in geschil is, voortvloeit uit de toepassing van de Wet op de kansspelen op het door Ladbrokes in Nederland aanbieden van kansspelen via internet, in het onderhavige geval leidt tot strijd met art. 49 EG. Deze vraag moet worden beantwoord aan de hand van de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.25 tot en met 2.30 samengevatte jurisprudentie van het HvJEG op dit gebied. De daaraan te ontlenen regels worden achtereenvolgens in de verschillende onderdelen aan de orde gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5, en de alinea staat in dat document op bytes 19977 tot 20888.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5 | shasum -a 256