Citaat | Hoge Raad 18 februari 2005
Alinea 53 Hoge Raad 18 februari 2005
Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4841.
3.6.2 Het onderdeel faalt voorzover het het hof een onjuiste uitleg van het genoemde arrest van het HvJEG verwijt. In het arrest van 6 november 2003, zaak C-243/01 (Gambelli), NJ 2004, 314, heeft het HvJEG immers in punt 67 overwogen dat het in de arresten Schindler, Läärä e.a. en Zenatti "heeft aanvaard dat de beperkingen van activiteiten met betrekking tot weddenschappen kunnen worden gerechtvaardigd door dwingende redenen van algemeen belang, zoals de bescherming van de consumenten, fraudebestrijding en het voorkomen dat burgers tot geldverkwisting door gokken worden aangespoord", waarmee 's hofs uitleg in overeenstemming is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5, en de alinea staat in dat document op bytes 24383 tot 25035.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49c7b68c558e2b0f0c68fa1fd32e220ce2e0269b5ee6241736ed4cdd4b43eac5 | shasum -a 256