Citaat | Hoge Raad 1 februari 2005

Alinea 30 Hoge Raad 1 februari 2005

Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR6621.

3.5.1. De Hoge Raad stelt voorop dat het Hof is uitgegaan van de juistheid van de hiervoor onder 3.2 weergegeven stelling van de verdachte dat hem op de dag van de uitspraak door een medewerker van de griffie telefonisch is gezegd dat hem een mededeling van de uitspraak zou worden uitgereikt en dat hij binnen veertien dagen na ontvangst daarvan de gelegenheid had in beroep te gaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9182d34f17a08af5afd36ca23d973038379c923e384cdddc63614d74cfebe14e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9182d34f17a08af5afd36ca23d973038379c923e384cdddc63614d74cfebe14e, en de alinea staat in dat document op bytes 12171 tot 12569.