Citaat | Hoge Raad 18 maart 2005
Alinea 39 Hoge Raad 18 maart 2005
Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR6669.
3.3 Bij de beoordeling van het tegen 's hofs arrest aangevoerde middel moet worden vooropgesteld dat het geen klachten richt tegen het oordeel van het hof dat in het midden kan worden gelaten of de op art. 7:658 BW gebaseerde verklaring voor recht toewijsbaar zou zijn, en dat evenmin de verhouding tussen deze bepaling en art. 7:611 BW aan de orde komt. De Hoge Raad zal zich dan ook beperken tot een behandeling van de in het middel naar voren gebrachte klachten, die alle betrekking hebben op de aansprakelijkheid op grond van art. 7:611 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/080a3c3d8f39cca23ca7587a57e8842b838f688381308fd8c7553e5ff1a5b495. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 080a3c3d8f39cca23ca7587a57e8842b838f688381308fd8c7553e5ff1a5b495, en de alinea staat in dat document op bytes 10597 tot 11154.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/080a3c3d8f39cca23ca7587a57e8842b838f688381308fd8c7553e5ff1a5b495 | shasum -a 256