Citaat | Hoge Raad 31 mei 2005

Alinea 18 Hoge Raad 31 mei 2005

Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR8021.

3.1. Het middel klaagt dat het Hof "het delictsbestanddeel van de koersgevoeligheid heeft betrokken op een viertal bijzonderheden die het Hof voor dit doel in onderlinge samenhang heeft beschouwd". Daarmee heeft het Hof, aldus het middel, miskend dat elke bijzonderheid afzonderlijk in voldoende mate koersgevoelig moet zijn. Het middel verbindt daaraan de conclusie dat het Hof de grondslag van de tenlastelegging heeft verlaten, althans dat het het bewezenverklaarde ten onrechte heeft gekwalificeerd als overtreding van art. 46, derde lid (oud), Wet toezicht effectenverkeer 1995 (verder te noemen Wte 1995).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/35cb0e2fff17f76f5a0948247040118071d3f88db02edcdfa91c20bb117d32c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 35cb0e2fff17f76f5a0948247040118071d3f88db02edcdfa91c20bb117d32c7, en de alinea staat in dat document op bytes 6755 tot 7379.