Citaat | Hoge Raad 15 april 2005
Alinea 55 Hoge Raad 15 april 2005
Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2032.
3.6.2 Daaromtrent heeft het hof in rov. 4.12 - 4.14, samengevat, het volgende overwogen. De hier krachtens art. 7:683 lid 1 BW geldende verjaringstermijn is ingegaan op 27 april 1999 (rov. 4.12). [eiser] heeft zich, blijkens de toelichting op zijn derde grief, op het standpunt gesteld dat de verjaringstermijn ingevolge art. 3:316 BW is gestuit als gevolg van de door hem ingestelde kortgeding-procedure, waarin de inleidende dagvaarding op 28 juli 1999 aan Unidek is betekend. Volgens [eiser] is op die datum een nieuwe verjaringstermijn gaan lopen (rov. 4.13). [Eiser] heeft in de kortgeding-procedure primair doorbetaling van loon en subsidiair schadevergoeding als bedoeld in art. 7:680 BW gevorderd. Die vordering tot schadevergoeding was gebaseerd op art. 7:677 BW: hij vorderde de schade als gevolg van het niet in acht nemen van de overeengekomen opzegtermijn. Een dergelijke vordering kan niet op één lijn worden gesteld met de vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag als bedoeld in art. 7:681 BW, zodat de dagvaarding in de kortgeding-procedure niet kan worden aangemerkt als het instellen van een eis of een andere daad van rechtsvervolging als bedoeld in art. 3:316 lid 1 BW, waardoor de verjaringstermijn van zes maanden zou zijn gestuit (rov. 4.14).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b72ffec4d3763aa00580c823bfcfc1c9f128aecb1377b2896822ee70c1f908b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b72ffec4d3763aa00580c823bfcfc1c9f128aecb1377b2896822ee70c1f908b, en de alinea staat in dat document op bytes 15596 tot 16902.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6b72ffec4d3763aa00580c823bfcfc1c9f128aecb1377b2896822ee70c1f908b | shasum -a 256