Citaat | Hoge Raad 11 maart 2005
Alinea 52 Hoge Raad 11 maart 2005
Een alinea uit Hoge Raad 11 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2619.
(vii) Bij verzoekschrift van 4 september 1997 heeft de Rabobank de verdeling verzocht van de opbrengst van deze executoriale verkoop. Bij de rechter-commissaris zijn vorderingen aangemeld door de Rabobank, Stormpolder, Eastside, mr. Kremer q.q. (curator in het faillissement van MHL) en [betrokkene 1] namens MHL, als schuldeisers van [betrokkene 1]. De rechter-commissaris heeft vervolgens een staat van verdeling opgemaakt, welke op 30 januari 1998 ter griffie is neergelegd. De rechter-commissaris heeft daarin onder meer overwogen (zakelijk weergegeven) dat geen rekening zal worden gehouden met de door [betrokkene 1] namens MHL aangemelde vordering en dat de Rabobank geen aanspraak kan maken op preferentie op grond van de hypothecaire inschrijving. De vorderingen van de Rabobank, Stormpolder, Eastside en mr. Kremer q.q. zijn in de staat van verdeling als nevengeschikt aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725, en de alinea staat in dat document op bytes 12976 tot 13879.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725 | shasum -a 256