Citaat | Hoge Raad 11 maart 2005
Alinea 53 Hoge Raad 11 maart 2005
Een alinea uit Hoge Raad 11 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2619.
(viii) Vervolgens zijn partijen in de gelegenheid gesteld de staat van verdeling tegen te spreken. De rechter-commissaris heeft in het proces-verbaal van de mondelinge behandeling op 6 maart 1998 geconstateerd dat Stormpolder, Eastside en mr. Kremer q.q. akkoord gaan met de staat van verdeling. Overeenkomstig art. 486 Rv. heeft hij, voor zover in cassatie van belang, partijen verwezen naar de rolzitting van 21 april 1998 voor conclusie van eis aan de zijde van de Rabobank in een renvooiprocedure tegen Stormpolder, [betrokkene 1], Eastside en mr. Kremer q.q.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725, en de alinea staat in dat document op bytes 13887 tot 14463.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef2d4825d3f53e1fb146c528f52135f3367de9e1314b5409089f3b9003977725 | shasum -a 256