Citaat | Hoge Raad 29 april 2005

Alinea 64 Hoge Raad 29 april 2005

Een alinea uit Hoge Raad 29 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2685.

[Eiseres] heeft verweer gevoerd. In de kern heeft zij betoogd dat [verweerder] zonder deugdelijke grond de hem aangeboden vervangende werkzaamheden, die als passende arbeid hebben te gelden, heeft geweigerd, zodat zij op grond van artikel 7:629 lid 3, aanhef en onder c, BW gerechtigd was verdere loonbetalingen op te schorten. Voorts heeft zij de toepasselijkheid van de CAO voor het bouwbedrijf op de arbeidsverhouding tussen partijen bestreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0be8a40d50ce8fc1ceccd7e0ee04d37ebca2504b7c9ea6d884ca592fda48050. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0be8a40d50ce8fc1ceccd7e0ee04d37ebca2504b7c9ea6d884ca592fda48050, en de alinea staat in dat document op bytes 12699 tot 13159.