Citaat | Hoge Raad 29 april 2005

Alinea 75 Hoge Raad 29 april 2005

Een alinea uit Hoge Raad 29 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2685.

3.10 Aangezien onderdeel 2d slaagt, behoeven de onderdelen 2e-g geen behandeling. Hetzelfde geldt voor onderdeel 3 omdat dit is gericht tegen de uitleg die de rechtbank aan de CAO voor het bouwbedrijf heeft gegeven, terwijl de toepasselijkheid daarvan door de verwijzingsrechter nader zal moeten worden onderzocht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0be8a40d50ce8fc1ceccd7e0ee04d37ebca2504b7c9ea6d884ca592fda48050. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0be8a40d50ce8fc1ceccd7e0ee04d37ebca2504b7c9ea6d884ca592fda48050, en de alinea staat in dat document op bytes 19317 tot 19644.