Citaat | Hoge Raad 8 april 2005

Alinea 59 Hoge Raad 8 april 2005

Een alinea uit Hoge Raad 8 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2706.

3.2 In dit kort geding hebben, voorzover in cassatie van belang, de Apothekers primair gevorderd Agis te veroordelen hun met ingang van 1 juli 2003 nieuwe leveringsovereenkomsten inzake hulpmiddelen aan te bieden op de voorwaarden als vervat in de leveringsovereenkomsten inzake hulpmiddelen die tot die datum, 1 juli 2003, geldig waren, en subsidiair Agis te veroordelen met hen te onderhandelen over nieuwe leveringsovereenkomsten inzake hulpmiddelen, waarbij de leveringsovereenkomsten die tot 1 juli 2003 golden, gedurende de onderhandelingen van kracht zouden moeten blijven. De voorzieningenrechter heeft de primair gevraagde voorziening niet toewijsbaar geoordeeld en de subsidiair gevraagde voorziening toegewezen. Ook het hof achtte de primair gevraagde voorziening niet toewijsbaar, waartegen in het voorwaardelijk ingestelde incidentele cassatieberoep wordt opgekomen. Het hof achtte, anders dan de voorzieningenrechter, de subsidiair gevraagde voorziening, voorzover deze Agis ertoe verplichtte met de Apothekers te onderhandelen over nieuwe overeenkomsten inzake hulpmiddelen, niet toewijsbaar, en wees deze op grond van de in rov. 4.6 gegeven motivering in zoverre alsnog af. Daartegen is het principale cassatiemiddel gericht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6a2e559dacd980ee0b01dcdc7b54cef217936012d4ba3a4a03fe0591d6767a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6a2e559dacd980ee0b01dcdc7b54cef217936012d4ba3a4a03fe0591d6767a3, en de alinea staat in dat document op bytes 11868 tot 13122.