Citaat | Hoge Raad 29 april 2005
Alinea 52 Hoge Raad 29 april 2005
Een alinea uit Hoge Raad 29 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2718.
Het hof heeft in rov. 4.4 overwogen dat James Town door de eerste rechter is veroordeeld om "tegen behoorlijk bewijs van kwijting" US$ 48.000,-- aan Dynamo te betalen. Indien James Town, aldus het hof, naar het recht van de Kaaiman Eilanden aanspraak kan maken - zoals zij stelt - op afgifte van het origineel van de promissory note bij voldoening van haar daaruit voortvloeiende verplichtingen jegens Dynamo, dient die afgifte te worden beschouwd als een onderdeel van de door Dynamo te verlenen behoorlijke kwijting als bedoeld in het bestreden vonnis. Door aldus de beslissing over de betrokken stelling van James Town afhankelijk te maken van een niet door het hof gegeven - naar de kennelijke opvatting van het hof in een eventueel executiegeschil van de rechter te vragen - oordeel over de inhoud van het recht van de Kaaiman Eilanden, heeft het hof zijn taak als appelrechter miskend. Onderdeel III.4 slaagt derhalve.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d487f01761bc1d0b6af43df7465967d6a83685389bd52ed23fe68945311a6bc0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d487f01761bc1d0b6af43df7465967d6a83685389bd52ed23fe68945311a6bc0, en de alinea staat in dat document op bytes 17797 tot 18734.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d487f01761bc1d0b6af43df7465967d6a83685389bd52ed23fe68945311a6bc0 | shasum -a 256