Citaat | Hoge Raad 21 januari 2005

Alinea 59 Hoge Raad 21 januari 2005

Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS3534.

Met deze overweging heeft de rechtbank tot uitdrukking gebracht dat aan de verslagen geen verdergaande eisen van detaillering en met name niet de eisen als waarop het onderdeel doelt, kunnen worden gesteld. In aanmerking genomen dat het in dit geval gaat om een eerste en een tweede verslag in een omvangrijk en ingewikkeld faillissement, heeft de rechtbank aldus overwegende niet blijk gegeven van een onjuiste opvatting omtrent de art. 94 - 97 F. en de daaruit voor curatoren voortvloeiende verplichtingen, zodat de rechtsklacht faalt. Het oordeel van de rechtbank, dat berust op uitleg van de stukken van het geding, is niet onbegrijpelijk en behoefde, in het licht van het summiere karakter van de onderhavige procedure, geen nadere motivering, zodat ook de motiveringsklacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7fa987e32e7c5cb308ba607dd1276f2a1a8ba477bb16071c0a3fa963e316d9b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7fa987e32e7c5cb308ba607dd1276f2a1a8ba477bb16071c0a3fa963e316d9b, en de alinea staat in dat document op bytes 16134 tot 16933.