Citaat | Hoge Raad 22 april 2005
Alinea 39 Hoge Raad 22 april 2005
Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS3643.
3.3.1De beslissingen omtrent de behoefte van [dochter 1] en de draagkracht van de man worden in cassatie niet bestreden. Onderdeel b van het middel is gericht tegen rov. 4.13. Het behelst de rechtsklacht dat de vaststelling van de mate waarin een ouder dient bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding van zijn kinderen afhankelijk is van de bijdrage die de andere jegens die kinderen alimentatieplichtige partij, gelet op diens draagkracht, behoort te betalen, en dat het hof heeft miskend dat de omstandigheid dat de vrouw kennelijk ervoor heeft gekozen geen alimentatie te vorderen van de biologische vader van [dochter 2], in de risicosfeer van de vrouw ligt, alsmede dat voor de vaststelling van draagkracht niet (uitsluitend) bepalend is over welke financiële middelen men beschikt, maar ook bepalend (kunnen) zijn de inkomsten, middelen of bijdragen die men zich in redelijkheid kan verwerven, terwijl in het onderhavige geval feiten zijn gesteld noch gebleken op grond waarvan van de vrouw in redelijkheid niet kan worden verwacht dat zij aan de (biologische) vader van [dochter 2] een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van zijn kind vraagt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d23eac55e64d15a67a15d4c059513c9cb05ac9c7cfadcf3b8453e12f210a1959. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d23eac55e64d15a67a15d4c059513c9cb05ac9c7cfadcf3b8453e12f210a1959, en de alinea staat in dat document op bytes 9562 tot 10754.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d23eac55e64d15a67a15d4c059513c9cb05ac9c7cfadcf3b8453e12f210a1959 | shasum -a 256