Citaat | Hoge Raad 13 mei 2005

Alinea 42 Hoge Raad 13 mei 2005

Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS4167.

3.3 De rechtbank heeft de vordering van [eiseres] afgewezen. In hoger beroep heeft [eiseres] zich op het standpunt gesteld dat de rekenplicht heeft bestaan vanaf de datum waarop [verweerder] werd gemachtigd voor de rekeningen bij de Rabobank en aangevoerd dat het verlenen van de machtiging voor de girorekening niet betekent dat [betrokkene 1] op dat moment in staat was zijn wil te bepalen. Ter onderbouwing van de stelling dat [betrokkene 1] niet in staat was zijn wil te uiten heeft [eiseres] zich beroepen op een verklaring van [betrokkene 2], welke verklaring inhoudt dat [betrokkene 1] niet in staat was zich verbaal uit te drukken doch enkel in staat was ja of nee te knikken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39e3bcb6706bf1c57a2ba1ec31fc13159e7d404f171d009b644b38a8346fb6a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39e3bcb6706bf1c57a2ba1ec31fc13159e7d404f171d009b644b38a8346fb6a1, en de alinea staat in dat document op bytes 10448 tot 11145.