Citaat | Hoge Raad 22 maart 2005

Alinea 25 Hoge Raad 22 maart 2005

Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS5550.

3.3. In aanmerking genomen dat tussen het instellen van het hoger beroep en de inzending van de stukken door de griffier van de Rechtbank aan het Hof meer dan twee jaren zijn verstreken, is het oordeel van het Hof dat kan worden volstaan met het oordeel dat de redelijke termijn is overschreden, niet zonder meer begrijpelijk. De door het Hof in aanmerking genomen complexiteit, de aard en de omvang van het opsporingsonderzoek "in de strafzaak en de onderwerpelijke ontnemingszaak", alsmede de termijn waarbinnen het Hof de zaak heeft behandeld, kunnen daaraan niet afdoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e6c8cec7ba9a039e70f8253dd9e5dc123f5b1d3c44678f235d7b2c207bb4ae7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e6c8cec7ba9a039e70f8253dd9e5dc123f5b1d3c44678f235d7b2c207bb4ae7, en de alinea staat in dat document op bytes 9403 tot 9990.