Citaat | Hoge Raad 29 maart 2005

Alinea 40 Hoge Raad 29 maart 2005

Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS6030.

3.7. Ingevolge art. 55, eerste lid, (oud) WWM kan overtreding van het in art. 26, eerste lid, (oud) WWM genoemde verbod worden bestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden. Het middel klaagt er dus terecht over dat het Hof de verdachte terzake heeft veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen maanden waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b74ef51aa0d9d57954eee75396f29aa9db291c32036d5897610d10da32f5c082. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b74ef51aa0d9d57954eee75396f29aa9db291c32036d5897610d10da32f5c082, en de alinea staat in dat document op bytes 10946 tot 11349.