Citaat | Hoge Raad 2 september 2005

Alinea 68 Hoge Raad 2 september 2005

Een alinea uit Hoge Raad 2 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS6926.

3.9.3 Onderdeel 4 houdt in de eerste plaats de klacht in dat het hof heeft miskend dat de stelplicht en bewijslast ten aanzien van de vraag of aan het vereiste van subsidiariteit is voldaan op de Staat rusten. De klacht is gegrond. Hetgeen het hof in rov. 10.7 heeft overwogen geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting nu het in de eerste zin van die overweging klaarblijkelijk ervan is uitgegaan dat de stelplicht en bewijslast met betrekking tot het bestaan van minder ingrijpende middelen dan de huiszoeking en inbeslagneming in het onderhavige geval zonder meer op Ostade Blade c.s. rusten. Verwezen zij naar hetgeen daartoe in 3.3.3 is overwogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ed73f19f3b52b65208e6ebcb39ab49475f4fb59ea08d2ee9bf2576e5039a661. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ed73f19f3b52b65208e6ebcb39ab49475f4fb59ea08d2ee9bf2576e5039a661, en de alinea staat in dat document op bytes 27462 tot 28129.