Citaat | Hoge Raad 5 april 2005

Alinea 24 Hoge Raad 5 april 2005

Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS7592.

"Op 7 november 2001 bevond ik mij met [slachtoffer 1] in het winkelcentrum Kastelenplein te Eindhoven. Nadat wij onze bromfietsen bij de C1000 hadden gestald, gingen wij naar binnen. Wij liepen weer naar buiten. Ik zag dat een jongen met een van onze bromfietsen wegliep. [Slachtoffer 1] en ik renden achter die jongen aan. Ik zag dat hij omkeek en vervolgens de bromfiets losliet. Het bleek de bromfiets van [slachtoffer 1] te zijn. Ik liep achter die jongen aan. Ik zag, dat hij stil bleef staan en zich in mijn richting draaide. Ik zag, dat hij een schroevendraaier vasthield. Hij haalde met die schroevendraaier uit in mijn richting. Ik schrok ervan. Toen ik dus van die jongen vandaan liep, zag ik een andere persoon bij [slachtoffer 1] staan. Deze jongen reed hierna weg. Hij reed op een zwarte bromfiets van het merk Italjet."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e14817a44643d9b1bd7ffb048472f7769584c3a549975560e80f453e345f8131. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e14817a44643d9b1bd7ffb048472f7769584c3a549975560e80f453e345f8131, en de alinea staat in dat document op bytes 9781 tot 10627.