Citaat | Hoge Raad 19 april 2005
Alinea 22 Hoge Raad 19 april 2005
Een alinea uit Hoge Raad 19 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS9409.
De raadsman heeft ter terechtzitting het verweer gevoerd, primair dat het openbaar ministerie ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde niet ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn vervolging, nu er in hoger beroep sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn, zoals bedoeld in artikel 6 van het Europees verdrag van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Subsidiair dient de overschrijding te leiden tot strafvermindering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9d0a88da6e34c4a654e1746fef63dc233d1117ac76f7c36c3ba4f670c3d5b35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9d0a88da6e34c4a654e1746fef63dc233d1117ac76f7c36c3ba4f670c3d5b35, en de alinea staat in dat document op bytes 7253 tot 7728.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f9d0a88da6e34c4a654e1746fef63dc233d1117ac76f7c36c3ba4f670c3d5b35 | shasum -a 256