Citaat | Hoge Raad 10 mei 2005

Alinea 17 Hoge Raad 10 mei 2005

Een alinea uit Hoge Raad 10 mei 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT2917.

3.2. Als gevolg van een administratieve vergissing is er bij de betekening van de aanzegging in cassatie, die is uitgereikt aan de Griffier van de Rechtbank te 's-Gravenhage, en in het arrest van de Enkelvoudige Kamer van de Hoge Raad van 4 mei 2004 ten onrechte van uitgegaan dat de verdachte zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande was. Naderhand is dus gebleken dat die aanzegging niet op rechtsgeldige wijze is betekend. Gelet op een en ander heeft de verdachte tot dusverre in de cassatieprocedure niet een eerlijke behandeling van zijn zaak gehad, als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM. De Hoge Raad is van oordeel dat hij, gelet op de ernst van de juridische gevolgen van deze administratieve tekortkoming en op de omstandigheid dat de Hoge Raad in laatste instantie uitspraak doet, zijn eerder gedane uitspraak dient te herstellen. Het onderhavige arrest strekt daartoe. In aanmerking genomen dat de verdachte naar aanleiding van een nieuwe aanzegging tijdig door een raadsman een schriftuur houdende een middel van cassatie heeft doen indienen, zal de verdachte alsnog in zijn beroep worden ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7fcfcee2f570037ef3c96080f7613881058e3f962c0e4492a4816ab333ee667. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7fcfcee2f570037ef3c96080f7613881058e3f962c0e4492a4816ab333ee667, en de alinea staat in dat document op bytes 7298 tot 8436.