Citaat | Hoge Raad 4 oktober 2005

Alinea 32 Hoge Raad 4 oktober 2005

Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT2968.

"Omdat alle inspanningen zonder succes zijn gebleven heeft het OM van een laatste redmiddel gebruik gemaakt. Donderdag 29 april 2004 heeft de officier van justitie bij de rechter-commissaris in Utrecht een gerechtelijk vooronderzoek gevorderd tegen een vooralsnog onbekende verdachte, waarvan overigens wel een uniek DNA-profiel beschikbaar is. Het OM vordert dus een gerechtelijk vooronderzoek tegen een geïndividualiseerd persoon, waarvan het unieke DNA-profiel bekend is, maar wiens naam, adres en woonplaats onbekend zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc77bcb0cb3773c25d7124cb5c45893161bb41ff8b03e608fcea72effa742b5b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc77bcb0cb3773c25d7124cb5c45893161bb41ff8b03e608fcea72effa742b5b, en de alinea staat in dat document op bytes 12843 tot 13383.