Citaat | Hoge Raad 13 september 2005
Alinea 22 Hoge Raad 13 september 2005
Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT8306.
"Ik ben op een zondag naar de winkel genaamd [A] gegaan. Deze winkel was gevestigd aan de [a-straat] te [vestigingsplaats]. Ik deelde het personeel van deze winkel mee dat ik rollerskates wilde kopen. Ik had deze rollerskates aangetrokken. Bij de kassa gekomen gaf ik aan dat ik met mijn bankpas wilde pinnen. Dat lukte echter niet. Ik vroeg vervolgens aan de verkoper of ik naar mijn eigen bank mocht gaan om daar dan geld te gaan halen. Ik hoorde dat deze verkoper tegen mij zei dat het niet gebruikelijk was. Ik stelde deze verkoper vervolgens voor dat ik dan mijn jas, mijn schoenen, alsmede mijn identiteitskaart als onderpand in deze winkel zou achterlaten. Ik hoorde dat deze verkoper daar
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/baafd893f7348ff2d3120ddaa2dfd4ea256417771724759dc2404a054c30355a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt baafd893f7348ff2d3120ddaa2dfd4ea256417771724759dc2404a054c30355a, en de alinea staat in dat document op bytes 7275 tot 7985.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/baafd893f7348ff2d3120ddaa2dfd4ea256417771724759dc2404a054c30355a | shasum -a 256