Citaat | Hoge Raad 14 april 2006
Alinea 41 Hoge Raad 14 april 2006
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2006, ECLI:NL:HR:2006:AU6521.
3.3.2 Bij de beoordeling van deze klachten wordt vooropgesteld dat de vraag of een op een schuldenaar rustende verbintenis een resultaats- dan wel een inspanningsverbintenis is, een vraag is van uitleg van de overeenkomst waaruit de in het geding zijnde verbintenis voortspruit. De aard van een opdracht als de onderhavige, waarmee wordt beoogd dat de opdrachtnemers aan de hand van hun expertise tot een gezamenlijke vaststelling van de nieuwe erfpachtscanon komen, legt op de opdrachtnemers - van wie ieder, ingevolge art. 7:401 BW, de zorg van een goed opdrachtnemer in acht moet nemen - de verplichting zich zo veel mogelijk in te spannen om, binnen de grenzen van hetgeen zij op grond van hun expertise voor hun rekening kunnen nemen, tot een gemeenschappelijk standpunt te geraken en daartoe dus, zonodig en binnen de genoemde grenzen, hun medeopdrachtnemers ook tegemoet te komen. In het algemeen zal evenwel niet van hen kunnen worden verlangd dat zij daadwerkelijk erin slagen dat doel - een gemeenschappelijk standpunt - te bereiken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc24907597448c66013975d142229de6c17b8c76b9061a29dcd00bad405ed552. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc24907597448c66013975d142229de6c17b8c76b9061a29dcd00bad405ed552, en de alinea staat in dat document op bytes 13217 tot 14273.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc24907597448c66013975d142229de6c17b8c76b9061a29dcd00bad405ed552 | shasum -a 256