Citaat | Hoge Raad 31 januari 2006

Alinea 27 Hoge Raad 31 januari 2006

Een alinea uit Hoge Raad 31 januari 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV0613.

4.3.1. Met betrekking tot de aanvrage onder A oordeelde de Hoge Raad - kort samengevat - dat de enkele omstandigheid dat [getuige 1] zich aan zijn detentie zou hebben onttrokken, geen enkel verband houdt met de uitspraak waarvan herziening wordt verzocht en de gronden waarop deze berust, en reeds daarom niet als novum kan gelden. De door die omstandigheid bij de aanvrager mogelijk gewekte indruk betreft, aldus de Hoge Raad, geen omstandigheid van feitelijke aard en kan daarom niet als novum in aanmerking komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b033557f7a24e4b315c62a1cc91a6289302543be834777add4c4e33427bbfa5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b033557f7a24e4b315c62a1cc91a6289302543be834777add4c4e33427bbfa5, en de alinea staat in dat document op bytes 11216 tot 11746.