Citaat | Hoge Raad 3 februari 2006
Alinea 18 Hoge Raad 3 februari 2006
Een alinea uit Hoge Raad 3 februari 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV0821.
Het middel dat tegen dit oordeel opkomt, faalt. Als op een belastingplichtige de bewijslast rust met betrekking tot een feitelijke omstandigheid (bijvoorbeeld de aanwezigheid van een aftrekpost of het aantal gewerkte uren) die, indien aannemelijk, tot een lagere belasting voor die belastingplichtige zou leiden, heeft het niet ingaan op een uitnodiging van de inspecteur nadere inlichtingen te verstrekken ter onderbouwing van de aftrek, geen gevolg voor de bewijslastverdeling. De bewijslast van die omstandigheden rust immers al op de belastingplichtige. Bij het vragen van inlichtingen heeft de inspecteur dan niet een belang als waarop artikel 47 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen ziet. In zoverre komt de Hoge Raad terug van zijn arrest van 8 maart 1995, nr. 29885, BNB 1995/246.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5e13dcc1ea8d1f8dc677bff30f8db4e04edd7c509a23154261a3af323f92e5e3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5e13dcc1ea8d1f8dc677bff30f8db4e04edd7c509a23154261a3af323f92e5e3, en de alinea staat in dat document op bytes 8953 tot 9761.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5e13dcc1ea8d1f8dc677bff30f8db4e04edd7c509a23154261a3af323f92e5e3 | shasum -a 256