Citaat | Hoge Raad 6 juni 2006

Alinea 276 Hoge Raad 6 juni 2006

Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV1633.

- Wat betreft het tweede punt, de geldverdeling tussen [medeverdachte 4] en [verdachte] zegt [medeverdachte 3] dat hij dit van Opa heeft gehoord. Dit betekent niet vanzelfsprekend dat, indien Opa dat al gezegd zou hebben, cliënt hiervan op de hoogte was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcb00cff413c7f0c1f36b8586499fb8881e072e8aea459410ad40314cbce6665. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcb00cff413c7f0c1f36b8586499fb8881e072e8aea459410ad40314cbce6665, en de alinea staat in dat document op bytes 63937 tot 64206.