Citaat | Hoge Raad 30 juni 2006

Alinea 94 Hoge Raad 30 juni 2006

Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV3373.

3.7 Daarentegen slaagt het beroep van de man op berusting op de subsidiaire grondslag. Het enkele feit dat de vrouw na een daartoe strekkende uitnodiging van de zijde van de man heeft voldaan aan het arrest van het hof voorzover het uitvoerbaar bij voorraad was verklaard, rechtvaardigt niet zonder meer de conclusie dat de vrouw na deze uitspraak ondubbelzinnig heeft doen blijken dat zij zich bij die uitspraak heeft neergelegd. Bij afwezigheid van een onmiddellijk dreigende tenuitvoerlegging van 's hofs arrest heeft de vrouw evenwel, zonder enig voorbehoud te maken, ingestemd met het hiervoor in 3.1 onder (ix) bedoelde voorstel van de man, dat niet alleen zag op een regeling voor de voldoening door de vrouw aan het arrest van het hof van 22 september 2004, maar ook nog voorzag in de verdeling van een ander, kennelijk alsnog te verdelen, niet in die procedure betrokken, gemeenschapsgoed (het vakantiehuis in Frankrijk), terwijl partijen uitdrukkelijk hebben bevestigd dat zij na afwikkeling van het door de vrouw aanvaarde voorstel van de man over en weer gekweten zouden zijn. De vrouw heeft vervolgens, kennelijk wederom zonder enig voorbehoud te maken, uitvoering gegeven aan de tussen partijen totstandgekomen regeling door het huurcontract voor de benedenwoning te ondertekenen en door haar medewerking te verlenen aan de notariële toedeling en levering aan de man van de woning aan de [a-straat 1] te [woonplaats], waarbij de vrouw en de man zijn overeengekomen dat zij te dezer zake niets meer van elkaar te vorderen hebben, dat zij elkaar over en weer kwijting en decharge verlenen en dat zij afstand doen van het recht om "om welke reden dan ook" ontbinding van deze verdeling of de daaraan ten grondslag liggende overeenkomst te vorderen. Een en ander brengt, nu de vrouw geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die op het tegendeel wijzen, mee dat de vrouw na 's hofs uitspraak een houding heeft aangenomen waaruit ondubbelzinnig blijkt dat zij zich bij die uitspraak heeft neergelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ffae6000a1e4476ef51515ea51bb2fafb6cca2c86f921c80b908e2378e3c32a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ffae6000a1e4476ef51515ea51bb2fafb6cca2c86f921c80b908e2378e3c32a1, en de alinea staat in dat document op bytes 24979 tot 27008.