Citaat | Hoge Raad 11 april 2006

Alinea 22 Hoge Raad 11 april 2006

Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV4007.

Wat reeds aanstonds opvalt is dat de Hoge Raad in dat arrest de rechtspersoon naar Engels recht die zich in die zaak als benadeelde partij had gesteld niet niet ontvankelijk verklaart omdat haar het recht om zich als beledigde partij te voegen in het strafproces zou moeten worden ontzegd, maar tot een inhoudelijk oordeel is gekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ee2eb015f821069e0aa72bd6f6ba5038113d8b68fc74b3238b76ddd0282180e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ee2eb015f821069e0aa72bd6f6ba5038113d8b68fc74b3238b76ddd0282180e, en de alinea staat in dat document op bytes 10423 tot 10770.