Citaat | Hoge Raad 16 juni 2006
Alinea 33 Hoge Raad 16 juni 2006
Een alinea uit Hoge Raad 16 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV6032.
3.3.1 Middel I richt in onderdeel 1.5 (en het daarop voortbouwende onderdeel 1.7) een rechts- en een motiveringsklacht tegen 's hofs beslissing in rov. 6 en de daarop gebaseerde gegrondbevinding van de eerste grief in rov. 7. De klacht houdt in dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de door het onderdeel uit de hierna in 3.3.2 bedoelde beschikking van de Hoge Raad van 20 november 1987 afgeleide regel dat een ontbrekende machtiging ook in hoger beroep voor het eerst in het geding kan worden gebracht die dan werking ook voor de eerste aanleg heeft, indien de eerste rechter aan het ontbreken van de machtiging geen consequenties heeft verbonden, eveneens geldt indien dat op terechte gronden wel is geschied. Het onderdeel betoogt dat, indien de rechter in eerste aanleg de eiser niet-ontvankelijk heeft verklaard, een na afsluiting van de eerste instantie verkregen machtiging die niet-ontvankelijkheid niet kan herstellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee7d6ded0ed7c107deb6d5fd1e2d05cba5cecf2a1f6ad2b7c7f9b1dd2e72d841. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee7d6ded0ed7c107deb6d5fd1e2d05cba5cecf2a1f6ad2b7c7f9b1dd2e72d841, en de alinea staat in dat document op bytes 9861 tot 10809.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee7d6ded0ed7c107deb6d5fd1e2d05cba5cecf2a1f6ad2b7c7f9b1dd2e72d841 | shasum -a 256