Citaat | Hoge Raad 13 juni 2006

Alinea 18 Hoge Raad 13 juni 2006

Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV6201.

"De raadsman heeft voorts ter terechtzitting in hoger beroep bij pleidooi aangevoerd dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moet worden verklaard in de ingestelde strafvervolging op de grond dat in de zaak het recht op een goede verdediging, zijnde een beginsel van een behoorlijke procesorde, is geschonden waardoor - naar het hof de raadsman begrijpt - doelbewust of met grove veronachtzaming van belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak afbreuk is gedaan, hetgeen op grond van artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering primair dient te leiden tot niet ontvankelijkheid van het openbaar ministerie en subsidiair dat die schending moet leiden tot bewijsuitsluiting van de processen-verbaal van verhoor van cliënt en meer subsidiair moet worden verdisconteerd in de eventuele straftoemeting. De raadsman heeft daartoe gesteld het geen in zijn pleitnotities dienaangaande is opgenomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4cffadef263f0dbce4e7daf4816557e74d11f81ee1564e7069acc119371dc02c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4cffadef263f0dbce4e7daf4816557e74d11f81ee1564e7069acc119371dc02c, en de alinea staat in dat document op bytes 7542 tot 8496.