Citaat | Hoge Raad 13 juni 2006

Alinea 22 Hoge Raad 13 juni 2006

Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV6201.

3.3. Het oordeel van het Hof komt erop neer dat, ook al zou de omstandigheid dat de verdachte tijdens de inverzekeringstelling niet is bezocht door een raadsman het gevolg zijn van een verzuim als bedoeld in art. 359a Sv, zulks niet tot een van de in die bepaling voorziene gevolgen behoeft te leiden. Dat oordeel getuigt, ook in het licht van de in het middel genoemde verdragsbepalingen, niet van een onjuiste rechtsopvatting, terwijl het evenmin onbegrijpelijk is. Het behoefde, gelet op hetgeen ten verwere is aangevoerd, ook geen nadere motivering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4cffadef263f0dbce4e7daf4816557e74d11f81ee1564e7069acc119371dc02c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4cffadef263f0dbce4e7daf4816557e74d11f81ee1564e7069acc119371dc02c, en de alinea staat in dat document op bytes 11185 tot 11752.