Citaat | Hoge Raad 12 mei 2006
Alinea 64 Hoge Raad 12 mei 2006
Een alinea uit Hoge Raad 12 mei 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV9378.
3.4 Onderdeel I bestrijdt het oordeel van het hof dat hoger beroep niet openstaat met de klacht dat het hof heeft miskend dat op grond van art. 332 Rv. steeds hoger beroep openstaat tegen in eerste aanleg gewezen vonnissen, tenzij de wet zulks ondubbelzinnig heeft uitgesloten. Volgens het onderdeel heeft de wet hier niet ondubbelzinnig anders bepaald: wat betreft de primaire vorderingen van [eiseres 1 en eiser 2] (verklaring voor recht dat de lasten tot inbezitneming onrechtmatig zijn en veroordeling van het Waterschap tot teruglevering van de desbetreffende perceelsgedeelten en tot schadevergoeding), omdat art. 5 lid 3 Dgr bestuursrechtelijk redres uitsluit en bij de Deltawet grote rivieren geen van art. 332 Rv. afwijkende bepalingen van toepassing zijn verklaard; wat betreft de subsidiaire vordering (schadeloosstelling op grond van art. 5 lid 1 Dgr in verbinding met art. 74 Ow), omdat het procesrecht van titel I Ow niet van overeenkomstige toepassing is op titel III Ow, dan wel de overeenkomstige toepassing van art. 74 Ow niet meebrengt dat het procesrecht van titel I Ow van overeenkomstige toepassing is op een vordering tot schadevergoeding ter zake van inbezitneming op grond van de Deltawet grote rivieren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ded0febf1e27122f4cb4c73b40e82e21bb76e496c453210dfd49ebeb118452f6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ded0febf1e27122f4cb4c73b40e82e21bb76e496c453210dfd49ebeb118452f6, en de alinea staat in dat document op bytes 22662 tot 23904.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ded0febf1e27122f4cb4c73b40e82e21bb76e496c453210dfd49ebeb118452f6 | shasum -a 256