Citaat | Hoge Raad 12 mei 2006

Alinea 32 Hoge Raad 12 mei 2006

Een alinea uit Hoge Raad 12 mei 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV9448.

"(...) op de gang [hebben] gewacht in de verwachting na enige tijd weer binnen te zullen worden geroepen, opdat cliënte nog de gelegenheid zou krijgen om zelf haar zienswijze kenbaar te maken. Echter deze gelegenheid is haar niet meer geboden, ook niet nadat ik hier aan het einde van het verhoor nog een keer nadrukkelijk om heb verzocht. (...) Zij is van mening dat haar hierdoor de mogelijkheid is onthouden om zelf te worden gehoord. Hoewel ik voor haar het woord heb gevoerd, heeft cliënte zelf geen woord kunnen zeggen. In dit verband moge ik wel verwijzen naar HR 7-5-2004, BJ 2004, 25 (...)."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/397bf74d45411d5420945cd8a96a1709a1665f8ae62860453bf98758fb4b6ba3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 397bf74d45411d5420945cd8a96a1709a1665f8ae62860453bf98758fb4b6ba3, en de alinea staat in dat document op bytes 11297 tot 11912.