Citaat | Hoge Raad 8 december 2006
Alinea 18 Hoge Raad 8 december 2006
Een alinea uit Hoge Raad 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AW2181.
Belanghebbende heeft in het tijdvak van naheffing een aantal in Polen geboren arbeidskrachten als uitzendkrachten te werk gesteld bij derden. De Polen waren in dienstbetrekking van belanghebbende. Ten aanzien van de betrokken werknemers is niet voldaan aan de in artikel 26b, eerste volzin, van de Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: de Wet) omschreven verplichtingen. Belanghebbende was met deze werknemers brutolonen overeengekomen van, afhankelijk van het soort werkzaamheden, ƒ 20, ƒ 20,69, ƒ 22,18 of ƒ 25,13 per uur. Aan hen is echter respectievelijk ƒ 13,50, ƒ 14, ƒ 15 of ƒ 17 per uur uitbetaald. Het verschil geldt als ingehouden om aan de fiscus te worden afgedragen. Belanghebbende heeft ter zake van het loon van de betrokken werknemers niets aan de fiscus betaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccd26aa2644bd8ee568769417a4f459cf422ae913b7af8f31801208106742530. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccd26aa2644bd8ee568769417a4f459cf422ae913b7af8f31801208106742530, en de alinea staat in dat document op bytes 7252 tot 8053.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ccd26aa2644bd8ee568769417a4f459cf422ae913b7af8f31801208106742530 | shasum -a 256