Citaat | Hoge Raad 27 juni 2006
Alinea 46 Hoge Raad 27 juni 2006
Een alinea uit Hoge Raad 27 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX2037.
3.4. Nu a) na het laatste getuigenverhoor door de Rechter-Commissaris iets meer dan veertien maanden zijn verstreken tot aan de betekening van de dagvaarding aan de verdachte en meer dan anderhalf jaar tot aan de dag van de behandeling van de zaak ter terechtzitting en de uitspraak van de Rechtbank en b) niet kan blijken van enige bijzondere reden die dit tijdsverloop kan rechtvaardigen, is 's Hofs oordeel dat in zoverre geen sprake is geweest van schending van de redelijke termijn - mede gelet op de duur van het procesverloop in eerste aanleg in het geheel - niet zonder meer begrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2c753984cfa1c3c7eaeaa55692eb7c607c421bfe2319f94d3b9dad477a228e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2c753984cfa1c3c7eaeaa55692eb7c607c421bfe2319f94d3b9dad477a228e9, en de alinea staat in dat document op bytes 13588 tot 14198.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2c753984cfa1c3c7eaeaa55692eb7c607c421bfe2319f94d3b9dad477a228e9 | shasum -a 256