Citaat | Hoge Raad 29 september 2006
Alinea 78 Hoge Raad 29 september 2006
Een alinea uit Hoge Raad 29 september 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX3080.
3.6 De Hoge Raad kan zelf de zaak afdoen. Uit het vorenstaande volgt dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven. De tegen het vonnis van de voorzieningenrechter aangevoerde grieven I-III zijn gegrond. Het vonnis van de voorzieningenrechter moet worden vernietigd. In feitelijke aanleg is door Westereems het verweer gevoerd, dat de vordering tot vrijgave afstuit op de door partijen in de garantie-overeenkomsten overeengekomen specifieke voorwaarden waaronder de garanties moeten worden teruggegeven. Naar hiervoor in 3.4.5 is overwogen, mist het beslag rechtsgevolg en is het niet toegestaan ter opheffing van zodanig beslag zekerheden te verlangen. Het verweer, dat ook tot uitgangspunt neemt dat de garanties dienen ter opheffing van het beslag, gaat dus niet op. De primaire vordering tegen Westereems zal dan ook worden toegewezen in voege als hierna zal geschieden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcb92db94a0d731e21be836774dc780f4e0c884e92bdb7bc7ba1a1424aceb65c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcb92db94a0d731e21be836774dc780f4e0c884e92bdb7bc7ba1a1424aceb65c, en de alinea staat in dat document op bytes 26179 tot 27074.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcb92db94a0d731e21be836774dc780f4e0c884e92bdb7bc7ba1a1424aceb65c | shasum -a 256