Citaat | Hoge Raad 14 juli 2006

Alinea 35 Hoge Raad 14 juli 2006

Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX3219.

Bij tussenbeschikking van 13 juli 2004 heeft het hof, alvorens verder te beslissen, de vrouw verzocht binnen vier weken na heden in het geding te brengen (i) een opgave van haar inkomsten uit pedicurewerkzaamheden en de daarmee samenhangende kosten, (ii) stukken met betrekking tot de vergoeding die zij wegens beëindiging van haar dienstverband bij Fokus in december 1999 heeft ontvangen en de daarmee samenhangende pensioenvoorziening en (iii) stukken met betrekking tot de afwikkeling van de nalatenschap van haar moeder, een en ander met kopie aan de wederpartij. Bij tussenbeschikking van 4 januari 2005 heeft het hof de vrouw verzocht de volledige aangifte successie inzake de nalatenschap van haar ouders in het geding te brengen alsmede haar aangifte inkomstenbelasting over 2003 en zo mogelijk de aanslag over dat jaar.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4abd4668db659139b26c9d7b6c2fc4333ea1cc97027a1dd07c974c54d5cabd01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4abd4668db659139b26c9d7b6c2fc4333ea1cc97027a1dd07c974c54d5cabd01, en de alinea staat in dat document op bytes 8621 tot 9463.