Citaat | Hoge Raad 17 oktober 2006

Alinea 65 Hoge Raad 17 oktober 2006

Een alinea uit Hoge Raad 17 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX5765.

3.8. Uit de hiervoor onder 3.5 weergegeven overweging volgt dat het Hof de beperking van verdachtes recht op vrije meningsuiting in het kader van de persvrijheid in het belang van de bescherming van de goede naam en de rechten van anderen noodzakelijk heeft geoordeeld. Daartoe heeft het Hof een afweging gemaakt tussen enerzijds het belang van de slachtoffers niet in hun eer of goede naam te worden aangetast en anderzijds het belang van de verdachte om als journalist de bewezenverklaarde uitlatingen als onderdeel van het door de verdachte bedoelde publieke debat te kunnen doen. Het Hof heeft het in dat verband kennelijk van doorslaggevende betekenis geacht dat de verdachte als journalist op geruchten over slachtoffers van zeer ernstige misdrijven is afgegaan en die geruchten als feiten heeft gepresenteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7f7a24aa9b3a0cea0f35695fb3089a65b034bd9b958838ffc6b459577388cb82. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7f7a24aa9b3a0cea0f35695fb3089a65b034bd9b958838ffc6b459577388cb82, en de alinea staat in dat document op bytes 29378 tot 30208.