Citaat | Hoge Raad 22 december 2006
Alinea 37 Hoge Raad 22 december 2006
Een alinea uit Hoge Raad 22 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX6290.
3.8. Uit 's Hofs uitspraak of de stukken van het geding blijkt niet dat belanghebbende heeft aangevoerd dat hij in de onderhavige jaren werkzaamheden anders dan in loondienst heeft uitgeoefend of wilde uitoefenen. In cassatie moet derhalve ervan worden uitgegaan dat hiervan geen sprake is geweest. Strijdigheid met artikel 43 EG kan daarom in dit geval niet aan de orde zijn. Mogelijk is er wel, naast de aangevoerde strijdigheid met artikel 39 EG, strijdigheid met de door artikel 56 EG gewaarborgde vrijheid van kapitaalverkeer (vgl. het onder 2 vermelde arrest Ritter-Coulais, punt 22).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4aa48010f8ee2e19e8e51695b623b3edc116e744413eda0e8193a3f4cb7e413. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4aa48010f8ee2e19e8e51695b623b3edc116e744413eda0e8193a3f4cb7e413, en de alinea staat in dat document op bytes 13529 tot 14132.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4aa48010f8ee2e19e8e51695b623b3edc116e744413eda0e8193a3f4cb7e413 | shasum -a 256