Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2006
Alinea 74 Hoge Raad 6 oktober 2006
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX6733.
5.3 Hiertegen is onderdeel 2 van het middel gericht. Het wijst erop dat [verweerder] c.s. reeds in hun memorie van antwoord hebben betoogd dat, nu [de moeder] overleden is zonder dat [eiser] haar de vervreemdingswinst had uitgekeerd, een redelijke uitleg van het beding meebrengt dat [verweerder] c.s. voor 50% (ieder van hen voor 10%) gerechtigd zijn tot de vervreemdingswinst, en dat nog steeds kan worden volstaan met toewijzing van één bedrag zij het dat de vordering dient te worden toegewezen aan de broers en zusters, dus aan [verweerder] c.s., en dat zij hun petitum dienovereenkomstig hebben aangepast. Het onderdeel klaagt onder 2.2 terecht dat het hof dit betoog niet had mogen passeren op de grond dat dienaangaande geen grief tegen het vonnis van de rechtbank was gericht. Inderdaad kan het bedoelde betoog van [verweerder] c.s. niet anders worden begrepen dan als een eiswijziging inhoudende dat [verweerder] c.s. thans voor zichzelf elk niet langer aanspraak maakten op een afdracht van 5% maar op de afdracht van 10% waarin het vervreemdingswinstbeding voorziet ingeval van vooroverlijden van beide ouders. Het hof had dus de door [verweerder] c.s. voorgestane uitleg inhoudelijk moeten beoordelen. Het onderdeel behoeft voor het overige geen behandeling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4c38f79c884b70917483eca6a782afdab2de2d67a7dc1ce1a70adb0543f5be2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4c38f79c884b70917483eca6a782afdab2de2d67a7dc1ce1a70adb0543f5be2, en de alinea staat in dat document op bytes 28104 tot 29390.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4c38f79c884b70917483eca6a782afdab2de2d67a7dc1ce1a70adb0543f5be2 | shasum -a 256