Citaat | Hoge Raad 13 oktober 2006

Alinea 53 Hoge Raad 13 oktober 2006

Een alinea uit Hoge Raad 13 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX7802.

3.2 Partijen hebben in beide feitelijke instanties gestreden over de titel van de door partijen op 26 oktober 2001 afgesproken betaling van ƒ 20.000,-- door [eiser 1]. Het door [verweerder 1] terzake ingenomen standpunt komt er, naar de Hoge Raad uit de stukken afleidt, op neer dat [eiser 1] tegen betaling van dat bedrag een optie zou krijgen om het huis uiterlijk in april of mei 2002 te kopen voor de prijs van ƒ 500.000,-- en dat het door [verweerder 1] te ontvangen bedrag van ƒ 20.000,-- zou dienen ter bestrijding van door hem te maken kosten in verband met het aanhouden van zijn huis gedurende een half jaar voor [eiser 1]. Het standpunt van [eiser 1] houdt in dat op 26 oktober 2001 al een koopovereenkomst tot stand is gekomen en dat de afgesproken betaling diende als "waarborgsom c.q. aanbetaling". De rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 15 oktober 2002 het door [eiser 1] voor zijn standpunt bij te brengen bewijs voorshands geleverd geacht op basis van mededelingen van [verweerder 1] in diens hiervoor in 3.1 onder (viii) geciteerde brief, waarin de rechtbank een bevestiging las van het standpunt van [eiser 1]. De rechtbank liet vervolgens [verweerder 1] toe tot tegenbewijs, maar oordeelde na de getuigenverhoren dat [verweerder 1] daarin niet was geslaagd, omdat de afgelegde partijverklaringen over en weer haaks op elkaar staan. Het hof heeft (in rov. 4.3.3) geoordeeld dat, anders dan de rechtbank oordeelde, niet voorshands bewezen kan worden geacht dat het afgesproken bedrag een gebruikelijke waarborgsom bij de koop van een onroerende zaak betrof. Het acht de brief van [verweerder 1] van 26 november 2001, waarin [eiser 1] een erkenning daarvan meent te lezen, voor meerdere uitleg vatbaar en oordeelt dat die zich ook kan verdragen met de visie van [verweerder 1], temeer waar deze brief de kennelijke bedoeling heeft de brief van de raadsman van [eiser 1] van 22 november 2001, waarin wordt gesproken van een onvoorwaardelijke koopovereenkomst en een waarborgsom van ƒ 20.000,--, te weerspreken. Het enkele voorkomen in de brief van [verweerder 1] van het woord "aanbetaling" maakt dat naar het oordeel van het hof niet anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e0289d325ee22b860a815049115cd4e466d0046efbc00644d9467308bf0b185. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e0289d325ee22b860a815049115cd4e466d0046efbc00644d9467308bf0b185, en de alinea staat in dat document op bytes 15957 tot 18137.