Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2006
Alinea 62 Hoge Raad 6 oktober 2006
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX8295.
Gelet op een en ander bestaat er geen grond om ter bescherming van fundamentele processuele rechten van een derde, zoals de Bank, in een eventuele procedure waarin zij betrokken zou worden, regels met betrekking tot het voorlopig getuigenverhoor van overeenkomstige toepassing te verklaren op het getuigenverhoor op grond van art. 66 F.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae5010ed71686426fb5f21de0ca9430644dcce9a766d291caab9075e313b6435. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae5010ed71686426fb5f21de0ca9430644dcce9a766d291caab9075e313b6435, en de alinea staat in dat document op bytes 24410 tot 24759.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae5010ed71686426fb5f21de0ca9430644dcce9a766d291caab9075e313b6435 | shasum -a 256